“Maximumfactuur legt geen hypotheek op buitenschoolse activiteiten”
Meer dan 1 miljoen leerlingen zitten ondertussen al twee weken terug op de schoolbanken. Dat betekent dat binnen nog eens twee weken de eerste maandelijkse schoolfacturen bij mama en papa in de bus vallen. Vanaf dit schooljaar zouden die een stuk lichter moeten wegen dankzij een aantal maatregelen van Vlaams minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke. Enerzijds is er de maximumfactuur voor kleuter- en basisonderwijs, die een plafond oplegt voor schoolkosten die ouders zelf moeten betalen. Anderzijds werden de studietoelagen dit en vorig schooljaar aanzienlijk uitgebreid. Nog voor 1 september was er bij veel schooldirecteurs nochtans gemor te horen over de maximumfactuur. Ouders mogen voortaan maximaal 60 euro per jaar per kind uitgeven aan eendaagse activiteiten in het lager onderwijs. Voor kleuterscholen ligt de limiet zelfs op amper 20 euro. Meerdaagse schooluitstappen mogen in het lager onderwijs over 6 jaar tijd niet meer kosten 360 euro per kind. Veel directeurs opperen dat zij door die beperking bepaalde activiteiten moeten afvoeren, tot en met zwemlessen. “De kritiek op de maximumfactuur is overtrokken”, vindt Lut Maertens, adviseur onderwijs bij de studiedienst van het ACW. “Wij kunnen alleen maar toejuichen dat schoolfacturen geplafonneerd worden. Zo vermijd je uitsluiting van kinderen uit gezinnen met een laag inkomen. Tot nu toe zag je vaak dat die kinderen moesten afhaken bij al te dure uitstappen. Bovendien krijgen scholen in ruil wel extra middelen om die activiteiten voortaan zelf te financieren.”
Afschrikkingsmiddel
Legt de maximumfactuur dan geen enkele beperking op? “Toch wel. Ondanks de extra middelen zullen sommige scholen misschien toch moeten snoeien in het aanbod. Is dat zo erg? Is het nodig dat een kind in zes jaar tijd lagere school én op zeeklassen én op bosklassen én op sneeuwklassen gaat? Ik dacht van niet. Een dergelijk prijzig aanbod is het beste afschrikkingsmiddel voor ouders die het financieel niet zo breed hebben. Tegelijk kan het natuurlijk niet dat zwemlessen zouden verdwijnen als gevolg van de maximumfactuur. Als dat het geval zou zijn, moet de maximumfactuur bijgestuurd worden. Daarvoor is binnen 2 jaar al een evaluatie gepland.” De ondersteuning voor scholen wordt ook anders georganiseerd. “Voortaan verloopt de steun veel meer getrapt”, legt Lut Maertens uit. “Vroeger moest je al een echte concentratieschool zijn vooraleer je extra middelen kreeg. Nu staat de steun in verhouding tot het aantal kansarme leerlingen dat je op de banken hebt. Een net niet witte school krijgt nu bijvoorbeeld ook behoorlijke ondersteuning, waar dat vroeger niet altijd het geval was.” Tegelijk worden de studietoelagen fors opgetrokken en uitgebreid. Dat gebeurde vooral onder impuls van ACW, ACV en KWB, die hiervoor jarenlang aan de kar trokken. “Voortaan kunnen ook kleuters (en hun ouders) terugvallen op een studietoelage. In totaal zullen 1 op 4 leerlingen, van kleuterschool tot secundair, daar gebruik kunnen van maken. Een grote stap vooruit, samen met de maximumfactuur.”
Peter Heirman
ACW blijft verder ijveren voor kosteloos onderwijs
“We hebben al een flink stuk weg afgelegd, maar dat betekent niet dat alle financiële drempels in het Vlaamse onderwijs nu weggewerkt zijn”, zegt Lut Maertens. “Vooral in het secundair onderwijs, en dan vooral in technisch, beroeps- en kunstonderwijs, blijven de kosten de pan uitswingen. Voor technische richtingen hebben leerlingen soms materiaal nodig dat handenvol geld kost. Denk maar aan richtingen zoals hotel of bakkerij. Daarvoor is de studietoelage nog altijd ontoereikend.” Het ACW probeert daar op alle niveaus iets aan te doen. “Wij pleiten er al langer voor om scholen met dure, technische studierichtingen ook extra middelen te geven. Verder kun je ook op lokaal niveau veel doen. In Veurne bijvoorbeeld, biedt het stadsbestuur onder impuls van het ACW al enkele jaren onderwijscheques. Ouders met een laag inkomen kunnen een onderwijscheque van 20 euro aankopen voor de prijs van 5 euro. Daarmee kunnen ze dan schoolkosten financieren. Dergelijke maatregelen zijn heel belangrijk omdat ze de kansen van kinderen in het onderwijs, en dus later ook op de arbeidsmarkt, vergroten. En daarmee staat of valt hun toekomst.”
P.H.
“Armoede wordt steeds meer zichtbaar op de schoolbanken”
“De maximumfactuur zal in de eerste plaats leiden tot minder sociale uitsluiting van kinderen uit gezinnen met een laag inkomen. Schooluitstappen zullen niet noodzakelijk verminderen. Ze zullen er misschien wel anders uitzien.” Dat zegt projectcoördinator Kris Bruwaert van de vzw Schulden op School (SOS). De organisatie begeleidt sinds 2000 scholen die de kosten voor ouders zoveel mogelijk willen beperken en zo de sociale uitsluiting op de schoolbanken een halt proberen toe te roepen. “En de maximumfactuur kan daarvoor enkel een positieve stimulans zijn. De armoede in onze samenleving rukt steeds verder op en wordt ook steeds zichtbaarder op de schoolbanken. Jammer genoeg zijn niet alle scholen even aandachtig voor het probleem. Sommige treden zelfs zo naar buiten dat kansarme ouders bij voorbaat al afhaken. Wie ouders overdondert met indrukwekkende - en dus dure - schoolreizen, schrikt gezinnen met een bescheiden inkomen heel gemakkelijk af.” Nog andere scholen beperken zich tot uitzonderingsmaatregelen. Kris Bruwaert: “Ze betalen bijvoorbeeld de uitstap van die leerling die dat van thuis uit niet kan betalen. Allemaal goed bedoeld, maar het versterkt het gevoel van uitgesloten zijn bij de leerling in kwestie. Die krijgt op die manier nog meer een stempel opgedrukt.”
Boeiend hoeft niet duur te zijn
Toch kan het ook anders. “Wij hebben veel contact met scholen die het inderdaad over een andere boeg gooien. Zij houden van bij het begin van het schooljaar rekening met de situatie van gezinnen in armoede. Schooluitstappen hoeven helemaal niet duur te zijn om boeiend te zijn. Dicht bij huis zijn soms veel interessantere excursies te doen dan verre busreizen. Die scholen doen er ook alles aan om alle ouders, ook zij die het financieel niet breed hebben, bij de schoolwerking te betrekken. Door hen aan te spreken, door hen uit te nodigen op school, door samen activiteiten te organiseren, noem maar op. Zo’n cultuur werkt ook aanstekelijk. Leerlingen leren zelf de kracht en de charme kennen van een samenleving waar men achterom kijkt en wacht op wie net iets trager dan de rest de heuvel op komt.” Ook Kris Bruwaert vindt de alarmkreten over schrappen van zwemlessen en uitstappen sterk overdreven. “Vergeet niet dat de scholen fors meer geld krijgen om de schoolkosten voor ouders binnen de perken te houden. En, zoals gezegd, misschien moeten scholen eens gaan nadenken over hun buitenschoolse activiteiten. Minder duur betekent niet noodzakelijk minder boeiend of minder leerzaam.” De maximumfactuur is absoluut geen overbodige luxe. “Steeds meer gezinnen komen in de armoede terecht. Bovendien is de kloof tussen leerlingen die goed en minder goed presteren nergens zo groot als in Vlaanderen. Die kloof hangt nu net heel erg samen met de sociale omgeving waarin kinderen leven. Openstaande schoolrekeningen hebben veel complexere oorzaken dan slordigheid of onwil.”
Peter Heirman
|