SOS … Schulden op school
Schulden op School in de actualiteit
Tijdens het afgelopen schooljaar
SOS-medewerker Kris Bruwaert over goed en goedkoop onderwijs:
‘Armoedebeleid integreren in gelijkekansenonderwijs’
Jan Glorieux
Almaar meer dringt het besef door dat onderwijs duur is. Of alvast te duur voor steeds meer gezinnen. Vlaams onderwijsminister Frank Vandenbroucke (SP.A) creëerde al een gelijkekansenbeleid, maar de vzw Schulden op school (SOS) dringt erop aan dat een emanciperend armoedebeleid daarin wordt geïntegreerd. Tertio sprak daarover met Kris Bruwaert.
Is het onderwijs duurder geworden of zijn mensen er gevoeliger voor? ,,Wij werken die bewustwording in de hand, maar er groeit ook onmiskenbaar een sociale dualisering. Het opduiken van onbetaalde rekeningen toont dat aan. Maar ook de toename met twee tot drie procent van het aantal mensen dat een beroep doet op voedselbanken, is exemplarisch. Of het stijgend aantal eenoudergezinnen: zowat een verdubbeling van het aantal alleenstaande vaders, een stijging met een kwart van de alleenstaande moeders. Ik verwijs ook naar het jaarboek 2006 van de Onderzoeksgroep Armoede, Sociale uitsluiting en de Stad (OASeS) dat wijst op de groeiende inkomensongelijkheid.’’
Welke aanpak stelt u voor? ,,Nu heerst bijna de mythe dat goed onderwijs per se veel geld kost. Wij vinden dat goed onderwijs niet duur hoeft te zijn. Maar dan moet je bijvoorbeeld bereid zijn na te denken over activiteiten die door scholen worden georganiseerd. Zo wou ik in het kader van mijn lessen godsdienst een uitstap doen naar het Guislain-instituut in Gent, omdat de tentoonstelling Pijn perfect paste in mijn lessenschema. Ik wilde de kosten van de uitstap met een pizzaverkoop laag houden. Toch besliste de school die uitstap niet te doen. Er zijn immers alternatieven, zoals goede verhalen of een spreker. Ik besef dat leerlingen uitkijken naar die uitstapjes, maar we zijn ervan overtuigd dat een beperking van de uitgaven kan zonder kwaliteitsverlies.’’
U wil blijkbaar veeleer een mentaliteitsverandering dan individuele zorg? ,,Uiteraard is individuele zorg een belangrijk begin. Maar we moeten oppassen met oplapwerk: individuele hulp betuttelt en tast leerlingen juist in hun waardigheid aan. Hoe moet de leerling zich bijvoorbeeld voelen wanneer die weet dat zijn of haar uitstap – stilzwijgend uiteraard – voor een derde of meer is bekostigd door de ‘sociale kas’? We moeten bijzonder waakzaam zijn voor de impact van onze acties. Vaak beseffen we niet genoeg de gevolgen van ons goedbedoelde optreden.
Uiteraard kunnen we er ons alleen over verheugen dat de overheid een ontslagen Ford-arbeider aan een nieuwe baan helpt, maar zo’n breuk heeft – na twintig jaar werk in één bedrijf – psychosociale gevolgen die worden onderschat. Gezin en relatie lijden daaronder. We kunnen in deze maatschappij niet naast een verhoogde kwetsbaarheid bij de middengroepen kijken.’’
Wat is de rol van Schulden op school (SOS) in dat proces? ,,Het initiatief groeide vanuit een aantal scholen in samenwerking met het Steunpunt Welzijn. Ze overlegden met elkaar over hoe je met armoede op school moet omgaan. Het succes leidde tot de lancering van een modelproject voor goed en goedkoop onderwijs (GOKO) in Vlaanderen, dat meteen steun kreeg van toenmalig Vlaams onderwijsminister Marleen Vanderpoorten (Open VLD). We begeleidden heel wat scholen in het onderzoek naar de knelpunten en vooral in de ontwikkeling van een GOKO-beleid. Verrassend was dat alle scholen beseften dat het uiteindelijk over een emancipatiebeleid ging, niet zomaar over een symptomatische aanpak. Ook nu blijft dat inzicht overeind. Het gaat erom mensen de kans te geven hun leven beter te beredderen door een kader te creëren waarin ze worden gehoord. Minister Vandenbroucke blijft ons steunen. Hij heeft onze werking ingepast in het gelijkeonderwijskansenbeleid (GOK), met name in de bevordering van de deskundigheid bij lokale overlegplatforms voor goed en goedkoop onderwijs, met het accent op armoedebestrijding.’’
Wat zijn de hoofdpunten van uw aanpak? ,,Het opsporen van de noden bij de individuele leerlingen is alvast een eerste stap. Het is nodig dat leerkrachten vorming krijgen om jongeren met een problematische achtergrond te leren herkennen. Ik hoorde onlangs een verhaal over een jongen van tien. Hij maakte altijd zijn huistaken op het balkon van het appartement, waardoor die er niet altijd verzorgd uitzagen. De onderwijzer sprak hem daarop aan, met goede bedoelingen, want uiteraard is netheid een belangrijke kwaliteit. Helaas besefte hij niet de achtergrond: de jongen ging op het balkon zitten, omdat er binnen te weinig licht was door de stroombegrenzer. Dat kind is twee keer slachtoffer: van de armoede bij hem thuis én van het beperkte inzicht van zijn leraar.
Daarom pleiten we onder andere voor huisbezoeken door klasleerkrachten. Ter plaatse zien en ervaren ze veel meer en kunnen ze de pijnpunten bij de juiste achtergrond plaatsen. Daarmee begint alles: met het leren zien en het willen zien van wat er gebeurt. We moeten ook leren ons klassieke referentiekader los te laten. Wij zijn snel in ons oordeel, maar vergeten te vaak dat ons perspectief te beperkt is.’’
Hoe kan een school daarop inspelen? ,,We moeten werken aan een beleid waardoor mensen in vertrouwen aan het woord mogen komen. Dat begint al bij het hartelijke onthaal bij de inschrijving. Een ruimte met zetels en koffie creëert een heel andere sfeer dan een kale ruimte met een vergadertafel. Scholen kunnen overwegen de inschrijvingen te laten gebeuren door een team dat zich heeft bekwaamd in het opvangen van verbale en non-verbale signalen die sociale kwetsbaarheid laten vermoeden.
Telkens weer moeten scholen elke vorm van stigmatisering vermijden en beletten dat ouders in een afhankelijkheidsrelatie belanden. Emancipatie houdt in dat we mensen kansen geven om voor zichzelf op te komen. Daarin ligt de sterkte van een beweging als ATD Vierde Wereld: dat ze armen het woord geeft, niet alleen werkt voor maar vooral met hen. Wezenlijk is dat mensen hun waardigheid behouden of terugwinnen.’’
Moeten scholen voor de spiegel gaan staan? ,,Ja, we pleiten voor een zelfonderzoek van scholen, eventueel vanuit de vraag ‘Hoe komt het dat de arme groep zo beperkt in onze school aanwezig is?’ Wij kunnen daarvoor een controlelijst aanbieden. Een volgende stap kan een schoolcode zijn: de schriftelijke neerslag van het voornemen de strijd tegen armoede op school te voeren. Ook pleiten wij ervoor dat doelgroepouders als ervaringsdeskundigen aanwezig kunnen zijn in bijvoorbeeld een ouderraad. Zij kunnen scholen leren anders te kijken naar de realiteit. Daarnaast bieden wij de video Hoge ladders aan, een woordkunstproject Betalen, tellen,..vertellen en de spelende vertelling Het vel van een kei, opgevoerd door professionele acteurs. Als achtergrond is er ons boek School zonder schulden. Recepten voor goed & goedkoop onderwijs, dat we een aantal jaren hebben uitgegeven. Ondertussen is er een tweede boek, Zeven stappen verder, waarin we voortbouwen op het eerste. De communicatie met de ouders moet ook een bijzonder aandachtspunt zijn: op niveau maar toegankelijk. Een solidariteitsfonds kan prima zijn, als er maar op de juiste manier mee wordt omgegaan.’’
Dreigt u niet te verzanden in een goedbedoelde institutionalisering? ,,Er blijft uiteraard een persoonlijke kant. Ik denk dat er een kern van waarheid zit in de uitspraak van de joodse filosoof Emmanuel Levinas: ‘Al ben ik als mens niet altijd tot het goede geneigd, toch word ik soms geraakt door het weerloze gelaat van de andere.’ Levinas noemt dat appel – dat altijd opnieuw uitgaat van de mens die bij me staat – het uitgangspunt voor ons denken en handelen. Ik moet een voortdurend gevecht voeren om mij daardoor te laten appelleren, om niet te snel te oordelen. Geen enkel beleid kan ooit de individuele gevoeligheid van leerkrachten vervangen. Dat vergt blijvende vorming en bereidheid jezelf te bevragen.’’
Waartoe moeten al die inspanningen leiden? ,,Uiteindelijk kan goed en goedkoop onderwijs leiden tot een meer vlakke schoolloopbaan met minder ongekwalificeerde uitstroom. In de wetenschap dat de sociale context – bijvoorbeeld de scholingsgraad van ouders – sterk bepalend is voor de onderwijsvorm die kinderen en jongeren later kiezen, kan een gerichte ondersteuning ervoor zorgen dat die keuze meer gebeurt vanuit de eigen interesse en mogelijkheden. Zo wordt onderwijs een hefboom die niet langer maatschappelijke uitsluiting reproduceert.’’
Schulden op school: sos.welzijn.net of 053/77.94.03.
SOS-Schulden op school, Zeven stappen verder… Stapstenen voor goed en goedkoop onderwijs, Garant, Antwerpen, 155 blz., € 14,90. - Boek via Tertio online bestellen
|